Je leven als museum

Je bent de conservator van je eigen leven

DCF 1.0

Deze zin spookt al een tijdje door mijn hoofd. Ik las ‘m voor het eerst in Het wonderkabinet van Brian Selznick maar daarna kwam ik ‘m ook op andere plaatsen tegen. Soms in een wat andere vorm maar het komt steeds op hetzelfde neer.

Een conservator is de beheerder van een verzameling. Hij of zij organiseert de samenstelling en opstelling van een collectie bijvoorbeeld door de schilderijen in een museumzaal in een bepaalde volgorde te hangen. In zekere zin is iedereen die iets verzamelt en uitstalt, een conservator.

Zelf ben ik dat ook.

Ik verzamel geen stenen, servies of postzegels. Ik verzamel herinneringen. Momenten. Ik probeer vast te houden wat er niet meer is.  Van mijn eerste stapjes tot het moment dat ik dacht dat ik kon vliegen.

Er is niet één verhaal van mijn leven. Van mijn jeugd, mijn middelbare schooltijd, mijn studietijd… Er zijn er meerdere en ik mag kiezen welke ik gebruik. Het betekent niet dat ik lieg maar elk verhaal kan op verschillende manieren verteld worden.  Ook het jouwe. Het mijne.

Je mag zelf weten in welke volgorde jij je schilderijen hangt.

Mijn hele bestaan ben ik bezig om mijn eigen tentoonstelling te maken. Wat heb ik bereikt en wat wil ik laten zien. Hoe zal mijn museum er aan het einde van mijn leven uitzien? Wat wil ik zelf herinneren. De marmeren gangen in mijn hoofd hangen vol met mislukte en gelukte schilderijen van momenten en gebeurtenissen uit mijn leven.  Ik vergeet echter wel eens dat ik de volgorde en plaats van die gebeurtenissen, net als de schilderijen in een museum, kan verplaatsen of zelfs verwijderen. Ik bepaal zelf hoe ik wil dat mijn verhaal er uit ziet.

Ik kan mijn muren volhangen met schilderijen van vervlogen dromen maar ik kan ze ook bekladden met mijn vakanties naar Frankrijk of uitjes naar de dierentuin. Er zijn dagen dat ik denk dat mijn gangen leeg zijn. Dat mijn museum gebouwd is op handen vol niets.  Het licht is aan maar daarmee is ook alles gezegd. Ik loop door gangen met witte muren en lege lijsten. Mijn voeten weerklinken hol in het grote gebouw.

Maar dat is niet waar. Was het maar waar. Kon ik maar helemaal opnieuw beginnen met alles wat ik nu weet. Maar zo werkt het niet. Mijn gangen zijn niet leeg. Er hangen al heel wat schilderijen aan de muren. Sommige zijn donker en lelijk maar er zijn er ook met vergezichten en zeeën vol zonnebloemen.

Gelukkig bestaat mijn museum uit meerdere verdiepingen. En is alleen de begane grond goed gevuld. Ga je meer de hoogte in dan is er nog ruimte. Ruimte voor wat nieuws. Iets moderns. Iets geks. Iets waarvan ik nog niet weet dat het bestaat.

Eng is het ook. Enger dan al die akelige schilderijen op de begane grond waarvan ik weet dat ze niet goed voor me zijn maar die ik toch niet kan loslaten. Ze behoren tot mijn collectie. Ik ken elke verfstreep, elke punt, elke kleur. Misschien dat ik ze ooit in het depot zet waar ze zullen verstoffen in het niets. Waar al mijn herinneringen blijven die er niet meer toe doen. Voorlopig niet in ieder geval.

Misschien dat ik ze ooit nog eens afstof om een ander plaatje van mijn leven in te kleuren maar voorlopig schuilen ze in vergetelheid. Het is geruststellend dat niets voor altijd is.

xx Hester Anne

Comments

  1. Prachtig! Ik ben zelf echt conservator (vrijwilligerswerk is het, in het Rien Poortvlietmuseum) en ik kan me er dus nog meer een voorstelling bij maken wat dit in het geval van ‘je leven als museum’ betekent. Echt heel mooi verwoord :)

    • hesteranne says:

      Dankjewel! Lijkt me trouwens leuk werk conservator zijn.

Speak Your Mind

*

http://hesteranne.nl/wp-content/uploads/2015/12/rifle-women.jpg